Beperkte regels veroorzaken chaos

Diëtisten worden vaak gezien als gezondheidsfreaks die met een opgeheven vingertje vertellen wat je niet en wat je wel moet eten. Nee, dan de supplementenverkoper, die komt tenminste met een quick fix. De gewichtsconsulent doet ook nog iets, maar wat is het verschil met een diëtist? Wat is de wettelijke status van deze beroepsbeoefenaars? Werken ze met dieetlijstjes of wil het publiek dat graag?

Van ”Verboden” naar “Uitzondering”

De lijstjes met “verboden” en “toegestaan” bestaan niet meer, of ze liggen onder een dikke laag stof als ze nog bewaard zijn. Zelf studeerde ik in 1979 af als diëtist en zag ze alleen als een dieet in de revisie ging. Ik gebruikte zelf de rubrieken “aan te raden” aan de linkerkant en “af te raden” aan de rechterkant. Dat geeft een positiever beeld dan het omdraaien van deze rubrieken. Er werd toen al genuanceerder over voeding gedacht. Tegenwoordig hanteert het Voedingscentrum drie categorieën, van links naar rechts: “voorkeur”, “middenweg” en “uitzondering”.

Het standaardlijstje werkt niet

Afvallers in de zeventiger jaren kregen vaak een standaardlijstje, variërend van 800, 1000, 1250 en 1500 kCal. Tegenwoordig weten we dat er met deze energiegehaltes geen volwaardige dagmenu’s  kunnen worden samengesteld. We weten dat afvallen en gewichtsbehoud moeilijk te realiseren zijn. Een intensieve behandeling, het liefst met meerdere disciplines is gewenst. Tja, tijdens de opleiding leerde ik al dat het opvolgen van een dieet voor de patiënt het eenvoudigst was als de voeding zoveel mogelijk werd aangepast aan de actuele leefsituatie. De standaardlijstjes werkten niet. Maatwerk beviel beter. En diëtetiek omvat veel meer dan alleen overgewicht.

Onbekend maakt onbemind en leidt tot late actie

Ziekenhuizen hanteerden een vast bedrag voor een dagvoeding en dieetproducten werden gezien als extra’s, een soort luxe. In een academisch ziekenhuis was een hoger budget dan een gewoon algemeen ziekenhuis. In de psychiatrie en gehandicaptenzorg en in verpleeghuizen waren amper diëtisten actief in de tachtiger jaren. In 1986 toen de eerste meldingen kwamen van ondervoede patiënten in de kliniek werd dat soms als sensatie afgedaan. Bijna 20 jaar later (ja, je leest het goed) in 2005 werd de Stuurgroep Ondervoedings opgericht om dit probleem te tackelen. Wie de oratie van Dagnelie leest denkt misschien dat diëtisten het er altijd bij hebben laten zitten, maar de realiteit is weerbarstiger. Tijdens elke economische dip wordt er bezuinigd op voedingszorg en worden goedkope oplossingen bedacht.

Diëtist in, uit en weer in de verzekering

In 2012 werd de dieetzorg door de minister van Volksgezondheid Welzijn en Sport uit de basisverzekering geschrapt, maar de zorg van de gewichtsconsulent werd wel vergoed, omdat dat goedkoper was en, volgens haar kon daar de overgewichtsepidemie voldoende worden aangepakt. Dit was echter een misrekening. Onbekend maakt onbemind en een gebrek aan visie.
Sinds 1 januari 2013 is de dieetzorg weer voor drie uur per kalenderjaar opgenomen in het basispakket. Daarmee kan dan elk jaar een klein behandel- en begeleidingstraject worden afgesproken, maar ingewikkelde problemen blijken onvoldoende behandeld te kunnen worden. Ook de gewichtsconsulent is door haar beperkte opleiding onvoldoende in staat om deze zorg over te nemen.

Verschil gewichtsconsulent en diëtist

Gewichtsconsulenten leren in een één-jarige mbo leergang hoe ze gezonde mensen met overgewicht zonder bijkomende ziekten, zoals hart- en vaatziekten of diabetes moeten behandelen. De diëtist heeft een vierjarige HBO-studie Voeding en Diëtetiek gevolgd waarin ze naast overgewicht ook andere ziekten en problemen op voedingsgebied kan behandelen.

Wettelijke bescherming kan beter

Het beroep “Diëtist” is pas sinds 1972 als paramedisch beroep erkend. In 1993 toen de Wet Beroepen Individuele Gezondheidszorg (BIG) in werking trad, kreeg de diëtist een artikel 34-status. Dat wil zeggen dat de naam “diëtist” beschermd is, maar iedereen mag dieetadviezen geven zonder daarvoor opgeleid te zijn.
Binnen de opleidingen tot verpleegkundige, verzorgende, doktersassistente, praktijkondersteuner worden slechts enkele uren voedings- en dieetleer gegeven. Omdat iedereen eet denkt iedereen er ook wel wat van te weten.

En dat leidt tot wildgroei supplementenverkoop  

Voedingssuplementenverkopers raden aan om hun pillen te gebruiken, met het argument dat de voeding tegenwoordig arm is aan voedingsstoffen, maar dat is een “Gerucht met een luchtje”. Hun verkooppraatjes klinken gelikt en wie er geen kaas van gegeten heeft trapt er met open ogen in. Dat is niet altijd zonder gevaar. Sommige supplementen kunnen niet zomaar gecombineerd worden met bepaalde voedingsmiddelen of met medicijnen.
Daarnaast ligt voor de sporter die in aanmerking kan komen voor dopingcontroles het gevaar van dopingvervuilingen op de loer. Zij dienen te allen tijde voedingssupplementen te gebruiken die aan de eisen van het Nederlands Zekerheidssysteem Voedingssupplementen Topsport voldoen.

Tip:

Voor de beoordeling van je voeding bij gezondheid, ziekte en het nut van supplementen kun je beter een advies vragen aan de (sport)diëtist, omdat zij een bredere opleiding heeft dan de meeste “zogenaamde voedingsdeskundigen”. Op 19 september is de dag van de diëtist en er zijn veel collegae die dan iets extra’s organiseren.
Voor de lezers van deze blog geldt: Maak eens een afspraak op 19 september om je voedings- en sportsupplementen te laten beoordelen. Ik breng graag orde in de chaos die door de beperkte regelgeving ontstaat, maar kan dat alleen op een kleine schaal.

anneke-palsma

Zoek je een advies voor voeding bij jouw sport, dan kun je bij mij terecht.

Drs. Anneke Palsma